Mijn naam is Kenneth ik ben 41 en ik woon in Tongeren. Als ik mezelf moet omschrijven ben ik vader, echtgenoot en ondernemer. Maar er zijn jaren geweest dat ik geen adres had. Geen richting in mijn leven en dat ik mezelf verloren had aan een verslaving. Jaren later, na een mislukte rugoperatie, lag…
Domeinen: Geestelijke gezondheid (GGZ), Verslaving en middelengebruik, Armoede, schulden en sociale uitsluiting, Wonen, dak- en thuisloosheid, Sociaal domein en algemeen welzijn, Justitie en forensische context, Onderwijs en vorming
Mijn naam is Kenneth ik ben 41 en ik woon in Tongeren. Als ik mezelf moet omschrijven ben ik vader, echtgenoot en ondernemer. Maar er zijn jaren geweest dat ik geen adres had. Geen richting in mijn leven en dat ik mezelf verloren had aan een verslaving. Jaren later, na een mislukte rugoperatie, lag ik verlamd thuis en ging het opnieuw mis. Door drank, wiet, te veel voorgeschreven pijnstillers zakte ik weg in een psychose. Gelukkig herkende ik het zelf en ben op slag met alles gestopt. Dat inzicht heeft me gered. In 2012 lag ik dakloos in een achterkamer bij een vriend, ook een gebruiker. Ik las een boek van Paulo Coelho over de pelgrimstocht naar Santiago. Een paar weken later vertrok ik te voet uit Tongeren. Met enkel een rugzak, een tent, wandelschoenen en hoop. Dat was alles wat ik had. 4 maanden alleen op weg. Op weg naar mezelf. De eerste maand zat de afkick nog in mijn lichaam en liep ik er doorheen. Daarna begon mijn hoofd helderder te worden. Onderweg gaven vreemden me eten en wilden ze mijn verhaal horen. Wat daarna kwam, was een lange weg van vallen en opstaan en proberen terug een leven op te bouwen. Op een bepaald moment nam ik een broodjeszaak over zonder eigen geld, omdat één vriend in me geloofde. Vandaag heb ik Broodjesbar Foodiez en BnB Loogiez, in mijn eigen gebouw in het centrum van Tongeren. En schreef mijn eerste boek, De wind zal mij dragen. Ik vertel dat verhaal nu verder. Voor mensen die er middenin zitten, en zeker ook voor naasten. Partners, ouders, broers en zussen die achterblijven met onbegrip en met schuld. Zij horen zelden hoe het er vanbinnen uitziet. Ik kan hen dat venster geven, zonder oordeel, want ik was daar. Ik gebruik geen grote woorden. Ik vertel wat er was. Alles komt goed, zoniet vandaag dan morgen.